
Het geheim achter waarom sommige buitenthermen gewoon blijven werken
Als je ooit te maken hebt gehad met IP65-buitenthermen op infraroodbasis, ken je het probleem. Ze worden ontzettend heet en daarna afgekoeld in vochtige, zoute of regenachtige lucht. Dat is vermoeiend.
De meeste mensen denken dat een “waterdichte” warmtepomp een veilige keuze is. Maar hier komt het probleem: deze apparaten falen zelden door lekken in het hoofddeel. Ze gaan kapot op de plek waar de bedrading naar binnen komt.
Wanneer vocht bij de hete draden terechtkomt, treedt oxidatie op. Hierdoor raakt de isolatie beschadigd. Voor je het weet, ontstaan er kortsluitingen en werkt de warmtepomp niet meer.
Waarom de “standaard” manier niet werkt
Veel fabrikanten gebruiken eenvoudige siliconendoppen om het probleem op te lossen. Het probleem? Siliconen droogt uit. Zodra deze doppen barsten, kan vocht gemakkelijk naar binnen komen. Omdat infraroodsystemen veel hitte genereren, ontstaat er een vacuümeffect. Hierdoor wordt vocht rechtstreeks in de elektrische verbinding gezogen.
Wij doen het anders. Wij gebruiken hoogtemperatuurbestendige sealings en versterkte materialen. Deze materialen krimpen of slinken niet wanneer ze worden blootgesteld aan temperaturen van 200°C. Ze blijven dus op hun plek.
Het voorkomen van kortsluitingen
Goedkope sealings zorgen ervoor dat de isolatie van de draden langzaam beschadigt raakt. Het is een langzaam proces.
Wij kiezen voor materialen die duizenden hittecycli kunnen doorstaan zonder hun stevigheid te verliezen. Door de sealings direct in de draden te integreren, voorkomen we dat oxidatie kan optreden.
Op deze manier krijg je een gesloten systeem: geen luchtruimtes, geen vocht. Alleen maar een goede verbinding.
Eén klein nadeel
Er is wel een nadeel: omdat de sealings zo strak zitten, is de bedrading wat stijver. Je kunt de draden niet zomaar buigen tijdens de installatie. Als je de draden te sterk bent, kan de sealing beschadigen.
Houd ze gewoon recht.
Als je de sealings goed installeert, verdwijnen die vervelende storingen. De foutenplekken bevinden zich dan niet meer in de elektronica, maar in de onderdelen die normaal gesproken slijten. Dat is gewoon gezond verstand.